Een handelsdelegatie uit Mali, Niger en Burkina Faso bezocht gistermiddag solarpark De Kwekerij in Hengelo. Zo makkelijk de zonneparken in Nederland uit de grond schieten, zo moeilijk is het in Afrika. Gaby Koenders van De Kwekerij kreeg woensdag onverwachts een mailtje van de Netherlands-African Business Council. Of er een dag later even twintig Afrikanen een kijkje konden nemen in het park. Koenders haalde snel appelsap, boterkoek en stroopwafels in huis en sprak de delegatie gisteren samen met Jan Engels, wethouder van Bronckhorst, toe. Laatstgenoemde scoorde punten door zijn welkomstwoord in het Frans te doen. Hij zei het een eer te vinden de Afrikanen te ontvangen. Nou waren het ook niet de eersten de besten die Engels tegenover zich had. Al drie dagen verdiepen zo’n too Afrikanen zich in Nederland en zijn energiegedrag. Ondernemers, medewerkers van ministeries en de Afrikaanse ‘Kamers van Koophandel’ willen hier eenmaal weer thuis hun voordeel mee doen. De twintig bezoekers aan De Kwekerij zijn stuk voor stuk bekend met zonne-energie.

 

Het grote verschil met Nederland is dat duurzame energie in Afrika levens kan redden.
Nabi Bourahima werkt bij het ministerie van Energie in Burkina Faso. „Binnenkort komt de president van Frankrijk bij ons op bezoek en dan openen we de tweede zonnepanelencentrale. Hiermee kunnen we 45 ziekenhuizen van energie voorzien. Dan snap je wel hoe belangrijk zonne-energie is”, zegt hij. De bezoekers stelden vooral veel vragen over de financiering van het solarpark. „Bij ons betaalt de overheid niet mee”, verduidelijkt Bourahima. „Financiering is dan ook een groot probleem. We zijn afhankelijk van particulieren.” Toch merkt hij dat zonne-energie toekomst heeft in Burkina Faso. „Het is bij ons gemiddeld 38 graden, dus het heeft ontzettend veel rendement.” Geen wonder dat sommige Afrikanen na een korte rondleiding al snel de warme bus opzochten.